over en uit

Ik ben slecht in slecht nieuws

Zowel aan de ontvangende kant als aan de gevende kant, slecht nieuws is altijd een moeilijke klap om te verwerken. Het een andere naam proberen geven zoals ‘exit gesprek’ of ‘heroriëntatie’ is dan ook niet meer dan een pleistertje op een geamputeerde arm of been. Het helpt niet en maakt het zelfs nog erger.

Ik heb dan ook geen enkele tip of trick in dit geval om het gesprek goed te laten verlopen. Goed verloopt het immers nooit, of je nu aan de ene of de andere kant zit. Een talent als Wilson uit de serie ‘House’ heb ik niet en kan je denk ik niet aanleren. Slecht nieuws brengen en mensen met een glimlach laten vertrekken. Daarom is het ook fictie denk ik.

Mensen denken dan dat managers dat graag doen, mensen laten gaan. Niets is minder waar. Het is een algemeen falen van de onderneming, de manager in welke lijn dan ook en de persoon zelf. Da’s de essentie. Dit proper communiceren de kunst. Hiermee goed kunnen omgaan als je het nieuws ontvangt een verborgen gave op zijn meest.

Zelf ben ik nogal een open mens als ik aan de te ontvangen kant sta. Ik aanvaard het en neem het mee naar het volgende punt. Ja, ik heb het al meegemaakt. Het is zeker niet prettig. Blijven tobben is echter geen talent van mij, dus gaat dat snel weer voorbij. Ik moet bekennen dat het moeilijker is als je het ontslag moet gaan geven. Ik zit er een tijdje mee en probeer me (tevergeefs) de scenario’s voor te stellen. Hopeloos, ik weet het, maar des mensen?

George Clooney in de film ‘up in the air’ toont zichzelf een meester in de materie. Ik zal al blij zijn als ik nooit zijn niveau zal hoeven te halen… Het is niet mijn grootste aspiratie.

Netwerk

Het is me toch wel wat met die geconnecteerde mensen…

Als ik LinkedIn doorblader, kom ik steevast op het nieuwe ‘dicksize measuring’ fenomeen aan het HR firmament: de 500+ connections en zelfs de 1.000+ connections. Mensen die connections verzamelen als waren het afgelikte postzegels. Fetisjisme?

Een netwerk is voor iedereen iets anders. Voor de ene een manier om zijn professionele contacten bij te houden, voor de andere een verlengstuk van zijn facebook/twitter account en voor nog andere een manier om op te vallen, te boasten.

Het is vooral die laatste groep die ik zoveel mogelijk tracht te ontwijken. Waarom? Oppervlakkigheid. Ik heb een hekel aan oppervlakkigheid. Het nieuwe hipster-isme van te willen tonen toch ‘mee’ te zijn door zich te profileren als iemand die er niet zo echt mee bezig is.

Mijn netwerk, dat zijn mensen die mij echt (her)kennen. Als ik de telefoon opneem mijn naam hebben onthouden en me precies kunnen plaatsen in hun professionele tijdslijn. Ongeacht hoeveel jaar die al voorbij is. Het vergt een zekere inspanning deze parate kennis bij het netwerk up to date te houden. Maar is dat niet de bedoeling?

Ik ben er van overtuigd dat als je 50 mensen opbelt uit het zogenaamde ‘netwerk’ van die 500 en meer plussers, meer dan de helft ze niet (meer her)kent. Gaat een beetje voorbij aan de bedoeling als je ‘t mij vraagt.

Back to basics dan maar weer?

 

shoot the interim, he’s mortal

Ontzetting vandaag in de krant over een aloud zeer. Toch wekte het behoorlijk wat verbazing alom. Vooral bij mij. Mensen en waarden, dat ligt me na aan het hart…

Valse vacatures, verloren dossiers, eindeloze testen, contracten voor één dag. Veel jongeren hebben slechte ervaringen met uitzendkantoren. Een groep uit Oostende vraagt actie.

Slechte ervaringen met interim en selectiekantoren heb ik immers ook. En die komen, uiteraard, het snelste naar boven als ik net niet aan die job raakte of niet in aanmerking kwam voor de opening, ondanks de eerste positieve sprietjes in mijn cv. Het is des mensen. Als het slecht gaat, zeuren we er eens graag een potje bij.

Natrappen doe ik desalniettemin niet. Ik gebruik elke kritiek en elke net niet als een leerpunt. Een leerpunt met een pak menselijke meerwaarde.

Ik zeg niet dat interim kantoren er niet voor terugdeinzen onmenselijke praktijken te handhaven. Sommige interim kantoren zijn een zelfs een pest en dienen te worden uitgeroeid. Omwille van hun ommegang met mensen. Het human capital voor hun gebruikers en zichzelf als eigenlijke werkgevers van deze mensen. Het is soms een schande hoe ze met mensen omgaan.

Toch wil ik een warme oproep doen tot een rustige dialoog tussen de verschillende belangengroepen. Het is immers makkelijk te vervallen in korte, ongenuanceerde berichten in hedendaagse sociale media en in de pers. Maar er zijn verzachtende omstandigheden:

- de consulente wil geen mensen teleur stellen. Ja, het is des mensen. En ja, mensen willen nu eenmaal goed staan bij de mede planeetbewoners. Gebrek aan assertiviteit? Gebrek aan opleiding? Gebrek aan coaching? Of gewoon een plat gebrek aan realisme? Allen oorzaken. Allen mogelijke werkpunten.
- de klanten stellen soms de vreemdste vragen. En het zijn de klanten die met de selectiecriteria op de proppen komen. Interim en selectie kantoren gaan in op deze vragen want klant is koning, toch? Ze kanten zich (althans de meerderheid) sterk tegen discriminatie in de selectiecriteria, maar durven minder in gaan tegen de vragen van de klant indien dit gaat om soms onrealistische criteria.
- snel geld verdienen. Ja er zijn kantoren die het enkel en alleen doen om het geld. je weet wel, die kwartaalbesprekingen van de raad van bestuur, de nieuwe targets die vooropgesteld worden,… Het weegt op de – meestal jonge – medewerkers van een interim organisatie. Omgaan met druk is niet iedereen gegeven.
- dagcontracten zijn schering en inslag maar dit is niet de wil van het interim kantoor. Als het van ons af hangt, krijgt iedereen een week of zelfs een maand contract. daar hebben we immers ook meer zekerheid in. Het zijn de bedrijven, onze klanten die ons dwingen dagcontracten op te stellen.

Is dit goed te praten? Neen. Zijn er nog redenen? Natuurlijk.

Ik voeg er wel graag aan toe dat het nogal makkelijk is om op de pianist te schieten. Zichtbare tattoo’s, lang haar bij jongens, ietwat alternatieve kledingstijl,… Het zijn zaken die gevoelig liggen bij sommige klanten ja. Het zijn nu eenmaal visuele aspecten die meespelen in de selectie van personen. Je kiest toch ook een wagen omdat hij er mooi uit ziet? Inhoud is inderdaad belangrijk, maar we gaan toch steeds naar het verjaardagspakje met de mooiste verpakking. Het is, alweer, des mensen.

Ik stel voor dat wij ons best doen om in de toekomst meer mens gericht te werk te gaan, assertiever te zijn waar het hoort en onze klanten te helpen ‘opvoeden’. Wij als interim kantoren zijn het verplicht aan de economie, de menselijke ontplooiing en de samenleving om mensen die het moeilijker hebben een job te vinden, te helpen en anderzijds om onze klanten, de bedrijven, te helpen hun problemen met human capital op te lossen.

Deze blogpost is volledig ter persoonlijke titel en is niet uit monde van mijn huidige opdrachtgever.

Instahip’s gone

Misschien ben ik nu officieel hipster-af. Of word ik wel voorgesteld als anti-Androïd omdat ik net nu de mensen met dit OS zich er ook eindelijk aan kunnen verkneukelen er de brui aan geef.

Het is mooi geweest. Niettegenstaande het een leuke relatie was, die tussen Instagram en mezelf. Maar hier houdt het toch wel op.

Geen commentaar op het format, de invulling, het makkelijk posten van fotootjes, maar het mag gerust iets meer zijn om de aandacht aan te houden. De foto’s van hondjes, eten, drank en kindjes zijn schattig, lief, doen je watertanden en zijn soms zelfs gewoon ronduit sexy.

Maar eentonigheid is een sluipmoordenaar.

De foto’s die ik toch wil delen, komen op mijn Tumblr pagina. Ander format, andere initiële bedoeling, maar voor mij een medium met een aantal meerwaarden:

- dat delen hoeft niet meer met iedereen die zomaar scrolt in een timeline maar voor mensen die er bewust voor kiezen de link te volgen
- de uitleg kan uitgebreider, dieper en met meer zin voor nuance (iets wat moeilijker wordt in de hedendaagse snelle media)

http://cfrdavy.tumblr.com

ass-u-me

Het moet iets des jeugdens zijn, dat zomaar naïef aan-nemen. Ondanks alle verwoede pogingen van mama-lief om de nog prille kroost te beschermen tegen oude venten die hen iets lekkers willen aanbieden, lijken ze dit allemaal vergeten eens ze zich op de arbeidsmarkt hebben gestort.

Terwijl er in wezen niets verandert. De wereld blijft immers een harde en gevaarlijke wereld. En als je niet op let, wordt je genadeloos aangepakt. Kill or be killed, eat or be eaten,… dat soort van principes.

In de zakenwereld is dit nog eens uitvergroot. Duidelijk voor iedereen die het wil zien. Nooit zelfs ook maar de minste rancune dit enigszins te vergoelijken. Neen. De zakenwereld is hard.

Er is me altijd een zin bij gebleven die ik nog steeds naar waarde schat:

“if you assume, you make an ass out of you and me

Een zinnetje dat ik tot in den treuren heb moeten herhalen bij jonge mensen die zich in die zakenwereld willen murwen. Met hun jeugdig enthousiasme en oneindige ambities, lopen ze recht in de vallen – die ze in sommige gevallen zelf nog opzetten ook.

De jeugd zou mondiger zijn, zou zich niet zo veel laten doen, zou assertiever zijn. De jeugd zou niet zomaar op z’n kop laten zitten, zich laten gelden. Wolven zijn het. De prooi steeds indachtig. Jagend naar succes.

In de praktijk zie ik echter anders… Youth gone wild… met een – wat mij betreft terecht – vraagteken.

Of misschien moet ik het maar schoorvoetend toegeven dat ik oud word. Jong tuig is al niks meer voor mij. De auto rijdt al niet meer zo snel als vroeger. Het leven mag al eens iets minder snel gaan. 12-15 uur werken per dag mag al eens onderbroken worden door een dagje niets doen, ontspannen. Oud. Da’s relatief. Toch?

Of is dat maar een ‘assumption’?

Brugdag

Het is heerlijk werken op een brugdag. Rust. Kalmte. Productiviteit quoi.

De dag begint zoet als je de trip van Affligem naar Brussel kan doen in amper 25 minuten. Terwijl je er anders zo’n gezapige 1,5 uur over doet. U leest het goed, beste minister van mobiliteit, een winst van maar liefst meer dan een uur. En da’s enkel voor mij.

Niet meer aanschuiven in de broodjeszaak en samen met een aantal andere werkbeesten een broodje gaan halen zonder de ellenlange file voor de toonbank te trotseren. Gewoon bestellen, betalen en straks lekker opeten.

Geen emails. Geen telefoons. Anders staat de telefoon nooit stil. Anders pinkt het outlook venstertje om de twee minuten op. Nu is het bliss all over the place. Ben ik dan ook nog eens ferm productief op de koop toe.

Ik pleit voor 200 brugdagen in een jaar. Blijven jullie maar thuis…

Snijden in eigen vel

Dat het crisis is, zal iedereen wel al gevoeld hebben, op één of andere manier. Net als mijn compatriot in het sales landschap Andy Vlaeminck al wist te vertellen in zijn blogpost

Vandaag ging ik op zoek naar een nieuwe cutter. De vorige is helaas bezweken aan de hoge werkdruk en heeft het begeven aan de vingergaten. Het was een mooie tijd, maar helaas. Op brugpensioen dan maar, na amper 1 jaar dienst. Geen hoop op nieuw werk in het huidige anti-rook klimaat. En de regering helpt ook al niet veel. Ik kan hem zelfs niet gewoon in de vuilbak gooien, hij moet daarvoor naar het containerpark. Bruggepensioneerden hebben het niet makkelijk.

In Brussel, op amper een paar voetstappen van mijn kantoor, is een Davidoff winkel. Rookwaren zijn dat. Heerlijke Dominicaanse sigaren en de gadgets die er bij horen. Het prikkelde al eens de nieuwsgierigheid en vandaag, bij het gedwongen vertrek van de eerste cutter, was een bezoek aangewezen.

Ik ben een opgewekt persoon. Ook als ik tijdens een brugdag aan het werk ben. Ja, zo zit ik in elkaar. Dus ga ik met een welgemeende en duidelijk uitgesproken ‘goeiemorgen’ binnen. Je kon het in haar ogen zien: paniek! Stel je de blik voor van het eerste slachtoffer tijdens een teenage horror movie. Die schreeuw, die angst in de ogen van de beginnende actrice die zich helemaal geeft in wat voor haar de doorbraakrol zou moeten worden. Hij spreekt Nederlands!

Niets is een minder goede reden om in paniek te slaan als je in Brussel een winkel uitbaat. Frans, uiteraard en de toeristen die spreken – of pogen dat toch – Engels te spreken. Vlamingen? Die hadden we toch buiten gepest? Neen, er bleef er nog één over die halsstarrig niet tot de overgave wou worden gedwongen. En net die, komt hier binnen en spreekt me dan nog eens aan in het Nederlands. Je zou voor minder in paniek slaan.

Ik moet zeggen, de goesting gaat al snel liggen bij mij. De koopwil is een beetje weg. Neen, niet een beetje, die verdwijnt dan sneller in het niets dan een snoepje in de mond van mijn oudste spruit. Niet dat ik de moeite niet wil doen om me in een andere taal uit te drukken als dat nodig zou blijken… alleen niet in mijn eigen hoofdstad.

En het is crisis… die extra mile die mensen zouden moeten gaan om toch die klant binnen te halen. Die is er niet. Helaas.

Ik heb toch eentje gekocht. Enkel omdat de nood het hoogst was. Ik heb immers geen cutter meer en kan dus geen sigaar meer opsteken als ik daar zin in heb. Da’s een acute nood. Een beetje zoals dat het je geen bal kan schelen dat je 50ct moet betalen voor het toilet als je dringend moet. Ik wou ook een kleine sigaar kopen om vanmiddag op een terrasje op te roken tijdens de pauze. Maar dat plezier gunde ik hen niet. Ik moet ergens limieten stellen.

Het werd een chrome cutter van S.T. Dupont, die perfect past bij mijn chrome lighter van hetzelfde merk.

Anders had ik niks gekocht…